Graaf Titus uit Dakar leidt Lukas en Anna naar een afgelegen kasteel in Senegal. Een reden die Lukas niet raar lijkt is het feest dat graaf Titus uit Dakar geeft. Het feest is een Fijiaans feest. 

Lukas krijgt iets te eten uit Fiji. Rijst en suikerriet en erg gekruid. Je kunt het laten staan. Als diner is het erg lekker. Sauerkraut is Duits en is heel anders. 

Uit de Italiaanse keuken krijgt Lukas allerlei lekkernijen. Fusilli is een Italiaanse lekkernij en Truffel is een andere. Klatkage is een Finse lekkernij en Nederland kent natuurlijk snert. Graaf Titus heeft erg lekker gegeten. 

Krenterige Anna gaat na het eten een stukje fietsen in de Sahara. Lukas gaat niet. Het geeft niet denkt Anna. Jij kunt altijd fietsen. Rijd niet lek denkt Lukas. Uitgerekend in de Sahara rijd Anna lek. En daar is de Rus. Hij rijdt Anna terug naar het kasteel. 

Een uur later is Anna thuis. Graaf Titus en Lukas krijgen het desert. Lekker denkt Anna. Dat is een lekkere afsluiting. Het feest is ten einde en Lukas en Anna gaan naar huis. 